Nieuws & Opinie

22-03-2017. Archeologen doen ontdekkingen in Stationsgebied Driebergen-Zeist
Meer lezen ›

15-03-2017. ADC Erfgoedbeheer begeleidt herstelwerkzaamheden van Oldenzaalse grafheuvels
Meer lezen ›

09-01-2017. Memento Mori: graven onder het Plechelmusplein
Meer lezen ›

ADC Monografie 15 - De motte van Breust

De opgraving van een middeleeuwse kasteelheuvel en zijn omgeving in Eijsden-Breust, gemeente Eijsden-Margraten

H. Vanneste en S. Ostkamp (red.), 2013. Amersfoort. 296 pp. 

Van 9 december 2008 t/m 25 februari 2009 is op een terrein in het centrum van Breust in de gemeente Eijsden-Margraten door ADC ArcheoProjecten uit Amersfoort een opgraving uitgevoerd. Uit historische bronnen is bekend dat Breust al in de Vroege Middeleeuwen als villa (in de betekenis van landgoed, nederzetting, hof) werd aangeduid en daarna de kern vormde van een heerlijkheid die ook een deel van het plateau van Margraten omvatte. Breust gaat terug op een Karolingisch domein dat vanaf de 10e eeuw eigendom is van het kapittel van Sint Martinus te Luik.

Bij de opgraving bleek inderdaad een ronde kasteelheuvel aanwezig te zijn. Aardewerk uit de basis van het lichaam dateert uit ca. 1150 - 1200, waaruit afgeleid kan worden dat de motte in de tweede helft van de 12e eeuw of het begin van de 13e eeuw opgeworpen is. Al in de eerste helft van de 13e eeuw begon een proces van afdekking door van de hellingen in het oosten afgestroomd colluvium (geërodeerde löss). Deze erosie was het gevolg van de ontbossing van het plateau als gevolg van in de 11e eeuw begonnen ontginningen, die mede door inwoners van Breust werden uitgevoerd. Ecologisch onderzoek toonde ook aan dat het landschap in de Middeleeuwen steeds opener werd. Tot wanneer de motte in gebruik was, kon niet worden vastgesteld.

Er is een op historische bronnen gebaseerde veronderstelling dat de vroegmiddeleeuwse Hof van Breust aan de noordelijke rand van de tegenwoordige bebouwing van Breust gelegen heeft, waar twee percelen nog in de 16e eeuw als Vroenhof worden aangeduid. De hof zou volgens deze theorie pas rond 1400, nadat Breust als gevolg van oorlogshandelingen verwoest was, verplaatst zijn naar de plaats naast de natuurlijke bron en ook de kerk zou toen van zijn oorspronkelijke, pre-965 locatie naar de huidige plek, 500 meter zuidwaarts, zijn verhuisd. Het archeologisch onderzoek ondersteunt deze hypothese niet, omdat het aangetoond heeft dat de bewoning naast de motte al in de 11e eeuw begonnen is, maar kan evenmin aangeven waar de Karolingische bewoning dan wel gelegen heeft.

ADC publicaties zijn verkrijgbaar bij SPA Uitgevers

ADC Monografie 15 De motte van Breust